Triggertype

Er zijn verschillende typen triggervoorwaarden:

  • flanktrigger : trigger op een flank in het signaal
  • venstertrigger : trigger wanneer het signaal binnen of buiten een bepaald venster of bereik komt
  • TV-trigger : trigger op een lijnsynchronisatiepuls or framesynchronisatiepuls van een TV-signaal

Flanktrigger

Flankrigger kan gebruikt worden om op een opgaande flank of neergaande flank in het ingangssignaal te triggeren. Op welke flank getriggerd moet worden is in te stellen.

Om op een flank te kunnen triggeren, heeft het systeem twee instelbare niveaus, het arming-niveau en het firing-niveau. Het triggersyteem vergelijkt het ingangssignaal constant met deze twee niveaus.

Zodra het ingangssignaal het arming-niveau passeert in de vooraf ingestelde richting, staat het triggersysteem op scherp (armed). Wanneer op een opgaande flank getriggerd moet worden, moet het arming-niveau in een opwaartse richting gepasseerd worden, dus het signaal moet eerst kleiner zijn dan het arming-niveau en dan groter worden dan het arming-niveau. Wanneer op een neergaande flank getriggerd moet worden, moet het arming-niveau in een neerwaartse richting gepasseerd worden, dus het signaal moet eerst groter zijn dan het arming-niveau en dan kleiner worden dan het arming-niveau.

Wanneer het ingangssignaal het firing-niveau in de vooraf ingestelde richting passeert en het op scherp staat, is de gewenste flank gevonden, aan de triggervoorwaarde voldaan en wordt een triggersignaal opgewekt (fire). Wanneer het ingangssignaal het firing-niveau in de vooraf ingestelde richting passeert maar het systeem niet op scherp staat, gebeurt er niets en blijft het systeem het ingangssignaal controleren.

In de software wordt het firing-niveau ingesteld met het triggerniveau. Het positie van het arming-niveau wordt bepaald door het triggerniveau en de grootte van de triggerhysterese.

In de onderstaande afbeelding wordt triggeren op opgaande flank getoond. Bij triggeren op neergaande flank worden arming-niveau en firing-niveau verwisseld.

Flanktrigger

Venstertrigger

Venstertrigger kan gebruikt worden wanneer getriggerd moet worden als een ingangssignaal binnen een venster (bereik) of buiten een venster komt.

Voor venstertrigger is het systeem uitgerust met een instelbaar venster, waarvan de bovenkant en onderkant afzonderlijk ingesteld kunnen worden. Het triggersysteem vergelijkt continu het ingangssignaal met de bovenkant en onderkant van het venster.

Wanneer Buiten venster trigger ingesteld is, zal het systeem een triggersignaal opwekken zodra het ingangssignaal hoger wordt dan het bovenste niveau van het venster of lager wordt dan het onderste niveau van het venter. In andere woorden: wanneer het ingangssignaal buiten het venter is.

Wanneer Binnen venster trigger ingesteld is, zal het systeem een triggersignaal opwekken zodra het ingangssignaal lager wordt dan het bovenste niveau van het venster en hoger wordt dan het onderste niveau van het venter. In andere woorden: wanneer het ingangssignaal binnen het venster is.

In de software wordt het bovenste niveau ingesteld met het triggerniveau. De positie van het onderste niveau wordt bepaald door het triggerniveau en de grootte van de triggerhysterese.

In de onderstaande afbeelding wordt Buiten venster triggeren getoond.

Buiten venster-trigger

TV-trigger

Een beeld op een TV bestaat uit een groot aantal horizontale lijnen. Al deze lijnen worden achter elkaar naar de TV toegestuurd. Om flikkeren te voorkomen, worden eerst alle even genummerde lijnen gestuurd en daarna alle oneven genummerde lijnen. Dit wordt interlacing genoemd. Een beeld bestaat dus uit twee frames met lijnen.

Om er zeker van te zijn dat de TV het beeld op de juiste manier weer opbouwt, worden er lijn-synchronisatiepulsen tussen alle lijnen verzonden en frame-synchronisatiepulsen tussen alle frames. De frame-synchronisatiepuls na een even frame is anders dan de frame-synchronisatiepuls na een oneven frame.

Sommige TiePie engineering instrumenten hebben speciale sync-scheider-circuits, die de TV-lijn-pulsen en TV-frame-pulsen in het signaal detecteren. Deze pulsen kunnen gebruikt worden als triggersignaal, zodat de meting altijd start bij het begin van een lijn of het begin van een oneven frame of het begin van een even frame.

De mogelijke keuzen in de software zijn:

  • TV Line : trigger op een lijn-sync-puls
  • TV Frame odd : trigger op een oneven frame-sync-puls
  • TV Frame even : trigger op een even frame-sync-puls

Instellen triggertype

Instellen van het triggertype van een kanaal in de Multi Channel software kan op diverse manieren gedaan worden:

  • Rechts-klikken op een kanaal in het objectscherm, Triggertype en dan de gewenste waarde uit het popupmenu kiezen.
  • Rechts-klikken op het triggersymbool op een as, Triggertype en dan de gewenste waarde uit het popupmenu kiezen.
  • Dubbel-klikken van het triggersymbool om:
    • te schakelen tussen Stijgend Opgaande flank symbool en Dalend. Neergaande flank symbool
    • te schakelen tussen Binnen venster Binnen venster en Buiten venster Buiten venster