|
||||||||||||||||||||||||||||
|
Meten en analyseren van RS-232-signalen
Inhoud
|
|||||||||||||||||||||||||||
| instelling | waarde |
| bit rate | 110 |
| data bits | 8 |
| parity | None |
| stop bits | 1 |
| data transport control | None |
Tekst die nu ingetikt wordt in het terminalprogramma wordt gelijk verstuurd via de seriële poort.
Instellen van de hardwareEerst wordt de Handyscope HS4 aangesloten op de computer en de Multi Channel software gestart.
Verbind nu Ch1 met de TxD-lijn van de COM-poort van de computer. Verbind de massa-aansluiting van de ingang met de CG-lijn (chassis ground) van de COM-poort.
COM-poorten gebruiken een 9-pins of een 25-pins Sub-D connector.
| signaal | 9-pin | 25-pin |
| TxD | pin 3 | pin 2 |
| RxD | pin 2 | pin 3 |
| CG | pin 5 | pin 1 |
Instellen van de software
Instellen van de ingangskanalenOmdat in dit voorbeeld maar een kanaal gebruikt wordt on een RS-232-signaal te meten, kunnen Ch2, Ch3 en Ch4 van de Handyscope HS4 van het scherm verwijderd worden.
Ingang Ch1 wordt gebruikt om de verzonden data (TxD) te meten. Om herkennen van de gemeten signalen te vereenvoudigen, kan een ingang een beschrijvende naam (alias) gegeven worden. Klik, om de alias in te stellen, met de rechter muisknop op het kanaal in het objectscherm en kies Stel alias in... vul de gewenste waarde in. Geef Ch1 de alias "TxD".
RS-232-signalen liggen tussen -12 Volt en +12 Volt, waarbij de rusttoestand -12 Volt is. Zet daarom het ingangsbereik op "20 Volt" volle schaal en de signaalkoppeling op "DC". Op die manier kunnen beide niveau's goed gemeten worden.
Instellen van de tijdbasisIn ons voorbeeld wordt een 110 bit/s communicatie gebruikt. Zet daarom de tijdbasis op een samplefrequentie die ongeveer 10 keer hoger is, 1 kHz. Omdat we tekst in gaan tikken in een terminalprogramma, moeten we voldoende meettijd hebben, bijvoorbeeld 2 seconden. Bij een samplefrequentie van 1 kHz houdt dat in dat de recordlengte 2000 samples moet zijn.
Instellen van de triggerIn rust staat op de TxD-lijn een logische "1", wat overeenkomt met -12 Volt. Wanneer de data-overdracht begint, wordt eerst een startbit, een logische "0" (+12 Volt) verzonden. Dat betekent dat het begin van een dataoverdracht een opgaande flank is. Zet daarom het triggertype op opgaande flank. De waarden voor het triggerniveau en de triggerhysteresis zijn niet erg belangrijk, zolang ze maar binnen het gebied van -12 Volt .. +12 Volt liggen. Stel het niveau in op bijv. 50% en de hysteresis in op bijvoorbeeld 2.5%. Om er zeker van te zijn dat de meting pas gestart wordt als de communicatie begint, moet de trigger timeout op oneindig gezet worden.
Instellen van de Serieel-analyzerVoor het analyseren van de RS-232-signalen wordt de serieel-analyzer sink gebruikt. Maak een serieel-analyzer door met de rechter muisknop op Sinks in het Objectscherm te klikken en de serieel-analyzer te kiezen. Dit opent tevens een extra venster waarin de geanaliseerde gegevens worden weergegeven.
De serieel-analyzer kan maximaal 8 communicatiesignalen tegelijk analyseren, maar in ons voorbeeld wordt slechts 1 signaal gemeten. Verbind Ch1, TxD, met de serieel-analyzer door deze op de serieel-analyzer sink te slepen in het Objectscherm.
PoortinstellingenKlik op het Instellingen-tabblad om de poortinstellingen van de analyzer in te stellen.
De serieel-analyzer kan seriële communicaties van verscheidene bronnen tegelijk analyseren. Bronnen die aangesloten worden krijgen in eerste instantie standaard poortinstellingen. Deze standaard waarden kunnen aangepast worden door Standaard te kiezen in de Bron-selector. De instellingen voor bronnen die al zijn aangesloten kunnen ook aangepast worden. Ons voorbeeld gebruikt bron TxD, dus kies die in de Bron-selector.
BitsnelheidDe Serieel-analyzer kan zelf de bitsnelheid van een gemeten signaal uitzoeken (Automatisch). Dat vereist echter dat in het gemeten signaal minimaal 25 flanken voorkomen, dus de communicatie moet lang genoeg zijn, 4 tot 5 karakters verzonden data. De analyzer kan ook ingesteld worden op een vaste bitsnelheid. Met die instelling zal de analyzer de gemeten waarden gelijk analyzeren met gebruik van de opgegeven bitsnelheid. In ons voorbeeld wordt een bitsnelheid van 110 bits/s gebruikt. Stel de bitsnelheid van de analyzer in op 110.
DatabitsSeriële communicatie verschillende aantallen bits per verzonden karakter gebruiken. In ons voorbeeld worden 8 databits gebruikt. Stel het aantal databits van de analyzer in op 8.
PariteitSeriële communicatie kan verschillende soorten pariteit gebruiken om de geldigheid van de ontvangen gegevens te controleren. In ons voorbeeld wordt geen pariteit gebruikt. Stel de pariteit van de analyzer in op Geen.
StopbitsSeriële communicatie verschillende aantallen stopbits per verzonden karakter gebruiken. In ons voorbeeld wordt 1 stop bit gebruikt. Stel het aantal stopbits van de analyzer in op 1.
TypeBij gewone seriële communicatie wordt een logische "0" weergegeven met een hoog spanningsniveau en een logische "1" met een laag spanningsniveau. In sommige situaties is dit omgekeerd en is een logische "1" een hoog niveau en een logiche "0" een laag niveau. In ons voorbeeld wordt standaard RS-232 gebruikt, dus stel het type in op Normaal.
MiddenniveauBij gewone seriële communicatie worden alle niveau's boven het middenniveau als logische "0" beschouwd en alle niveau's onder het middenniveau als logische "1" beschouwd. De analyzer kan aan de hand van het gemeten signaal zelf een middenniveau bepalen of de gebruiker kan zelf een spanningswaarde invullen die als middenniveau gebruikt wordt. Normaal gesproken zal Auto-niveau voldoen, dus zet het Middenniveau op Auto-niveau
Klaar om te metenNu alles alles juist in ingesteld, kan het testsignaal opgewekt woren. Typ een woord in in het terminalprogramma om een seriële communicatie op te wekken. Het meetinstrment zal deze communicatie opnemen en de Serieel-analyzer zal de gemeten waarden analyzeren en decoderen.
In ons voorbeeld is het woord "tiepie" ingetikt, gemeten en gedecodeerd. De instellingen van de Serieel-analyzer worden in het uitvoerscherm, voor de geconverteerde gegevens weergegeven.
Druk op de knop Wissen
om het uitvoerscherm te wissen
voor een nieuwe meting.
Als een stuk communicatie langer is dan het Serieel-analyzer uitvoerscherm, is het niet mogelijk de tekst te zien
die onderaan toegevoegd wordt. Het venster heeft een auto scroll-functie, die er voor zorgt dat altijd de onderste
regels zichtbaar zijn. Om deze functie aan of uit te zetten moet op de Scroll automatisch naar beneden-knop
gedrukt worden.
Om de inhoud van het uitvoerscherm op schijf op te slaan kan op de Opslaan-knop
gedrukt worden.