De Serieel-analyzer-sink kan gebruikt worden om data op een seriële bus te decoderen en
weergeven.
Hij kan gebruikt worden voor analyse van berichten op RS232, RS485, MIDI, DMX of
andere gelijkwaardige bussen.
De serieel-analyzer kan tot acht bronnen gelijktijdig monitoren. Als deze bronnen gesynchroniseerd zijn (alle bronnen zijn van één (gecombineerd) instrument), wordt de data op chronologische volgorde weergegeven.
De sink gebruikt een speciaal venster voor de uitvoer. De uitvoer kan ook worden opgeslagen in een tekstbestand.
Gebruik de volgende meet-instellingen voor de beste resultaten:
| Modus | Sample-frequentie | Pre-trigger | Trigger-timeout | Triggertype | Triggerniveau |
|---|---|---|---|---|---|
| Blok | 3 * baudrate 1 | 1% | Oneindig | Stijgend/Dalend 2 | ongeveer Middenniveau |
| Stream | 3 * baudrate 1 | - | - | - | - |
De serieel-analyzer kan gebruikt worden om RS485, MIDI of DMX te analyseren. De tabel hieronder toont de te gebruiken instellingen:
| Bus | Baudrate | Databits | Pariteit | Stopbits | Type | Middenniveau |
|---|---|---|---|---|---|---|
| DMX | 250000 | 8 | none | 2 | Normaal 1 | Auto level |
| MIDI | 31250 | 8 | none | 1 | Normaal | Auto level |
| RS485 | - | - | - | - | Normaal 1 | Auto level |
Om het gedrag van een Serieel-analyzer-sink aan te passen zijn diverse instellingen beschikbaar. Deze zijn beschikbaar via de Instellingen-pagina in het uitvoerscherm van de Serieel-analyzer.
De Bron-selector bepaalt welke bron van de Serieel-analyzer door de instellingen op deze pagina beïnvloedt wordt. De instelling Standaard beïnvloedt de set instellingen die gebruikt wordt wanneer een nieuwe bron wordt aangesloten op de Serieel-analyzer.
Voor juiste decodering moet de Bitrate op de juiste waarde overeenkomstig de snelheid van de gemeten bus ingesteld worden. Diverse standaard waarden zijn beschikbaar, ook is het mogelijk de analyzer dit zelf te laten kiezen met de de keuze Automatisch detecteren.
Voor juiste decodering moet de instelling Databits op het juiste aantal databits worden ingesteld, overeenkomstig de instelling van de te meten bus. Er kan gekozen worden uit 5, 6, 7 of 8 bits.
Voor juiste decodering moet de instelling Pariteit juist worden ingesteld, overeenkomstig de instelling van de te meten bus. Diverse gangbare waarden zijn beschikbaar: Geen, Oneven, Even, Mark of Space.
Voor juiste decodering moet de instelling Stopbits op het juiste aantal worden ingesteld, overeenkomstig de instelling van de te meten bus. Er is keuze uit de volgende waarden: 1 of 2.
Voor juiste decodering moet de instelling Type op de juiste waarde worden ingesteld, overeenkomstig de te meten bus. Twee waarden zijn beschikbaar:
Voor juiste detectie van de pulsen, moet de instelling Middenniveau ingesteld worden op een juiste waarde, overeenkomstig de te meten bus. De standaard waarde is Auto-niveau.
Om het gedrag van een het uitvoerscherm van een serieel-analyzer-sink aan te passen zijn diverse instellingen en acties beschikbaar. Deze zijn beschikbaar via een knoppenbalk aan de bovenkant in het uitvoerscherm van de Serieel-analyzer en in een popupmenu dat getoond wordt als met rechts op de sink geklikt wordt in het objectscherm.
WissenDe actie Wissen verwijdert alle tekst uit het uitvoerscherm van de Serieel-analyzer. De Wissen-actie is beschikbaar als knop op de knoppenbalk.
Scroll automatisch naar benedenDe instelling Scroll automatisch naar beneden zorgt er voor dat het uitvoerscherm van de Serieel-analyzer iedere keer dat nieuwe data ontvangen is naar beneden gescrolld wordt, zodat de nieuwste data zichtbaar is. De actie Scroll automatisch naar beneden is beschikbaar als knop op de knoppenbalk.
Export dataDe actie Export data slaat de inhoud van het uitvoerscherm van de Serieel-analyzer op in een tekstbestand. De actie Export data is beschikbaar als knop op de knoppenbalk.
Altijd op voorgrondAls de instelling Altijd op voorgrond is ingeschakeld, zal het uitvoervenster van de Serieel-analyzer niet verborgen worden onder een ander venster van de Multi Channel software. De instelling Altijd op voorgrond is beschikbaar als knop op de knoppenbalk en in het popupmenu.
De weergegeven naam van een object kan aangepast worden door het object een Alias te geven. Dit kan handig zijn wanneer veel objecten gebruikt worden en het lastig is ze uit elkaar te houden. Als aan een batterij gemeten wordt, is het bijvoorbeeld mogelijk de alias op "batterij" te zetten. Klik op Alias... in het popupmenu om de alias in te stellen. Om een alias te verwijderen en terug te keren naar de oorspronkelijke naam van het object moet een lege alias opgegeven worden.
Gebruik de actie Ontkoppel bron(nen) om een of meer bronnen van een I/O of sink te ontkoppelen. De actie toont een lijst met alle aangesloten bronnen. Individuele bronnen kunnen geselecteerd worden om te ontkoppelen.
Om alle bronnen van een I/O of sink in een keer te ontkoppelen kan de actie Ontkoppel alle bronnen gebruikt worden.
Wanneer een nieuw object, gelijk aan een al bestaand object, gemaakt moet worden met dezelfde instellingen, kan de Kloon-actie gebruikt worden. Dit maakt een identieke kopie van het oorspronkelijke object, met dezelfde instellingen. Bron(nen) en sink(s) van het nieuwe object zijn nog niet aangesloten.
De actie Verwijder verwijdert een bron, I/O of sink. Alle verbindingen worden ontkoppeld en het object wordt verwijderd uit het objectscherm. De ingang van de objecten die dit object als bron gebruikten wordt gewist. De uitgang van de objecten die dit object als sink gebruikten wordt gewist. Een as in een grafiek die als sink was aangesloten op dit object wordt ook verwijderd.
De actie Openen maakt het mogelijk instellingen en data voor een object uit een TPS- of TPO-bestand te lezen. Dit wordt uitgebreid beschreven op de pagina over Inlezen in geselecteerde objecten.
De actie Opslaan als ... maakt het mogelijk instellingen en data van een object in een TPO-bestand op te slaan. Als meer objecten zijn geselecteerd, worden alle objecten en hun onderlinge verbindingen opgeslagen. Dit wordt uitgebreid beschreven op de pagina over Objecten opslaan in een TPO-bestand.