Grafieken

De Multi Channel oscilloscoop-software maakt het mogelijk grafieken te maken op een plaats en manier die u wilt. Nieuwe grafieken kunnen worden gemaakt in het hoofdscherm of in een apart scherm buiten het hoofdscherm. U heeft volledig beheer over de grootte van de grafiek, zodat u de grafieken in een voor u zo optimaal mogelijk opstelling kunt zetten. De grafieken kunnen scoopbeelden, spectrum analyzerbeelden en dataloggerbeelden bevatten.

Lees hier hoe u data kunt tonen in een grafiek.

Assen

De offset van een as kan gewijzigd worden door de as vast te pakken en deze naar boven/beneden te schuiven, zie animatie 1 voor een voorbeeld.

Om de gain van de as te veranderen pakt u een van de einden met de muis en verplaatst deze naar de gewenste positie. Zie animatie 2 voor een voorbeeld.

Het is ook mogelijk om de offset en de gain te wijzigen met het muiswiel: Als de muisaanwijzer zich boven de as bevindt dan kan met het muiswiel de offset worden aangepast, als de Ctrl-toets is ingedrukt tegelijk met het draaien van het wiel, dan wordt de gain aangepast.

Offset aanpassen
Animatie 1: Offset aanpassen
Gain aanpassen
Animatie 2: Gain aanpassen

Automatisch uitlijnen van assen

Wanneer meer assen in een grafiek aanwezig zijn, kunnen ze zo uitgelijnd worden dat hun signalen niet overlappen. De Assen uitlijnen-knop Axis layout op de werkbalk van de grafiek en de keuze Assen uitlijnen in het popupmenu van de grafiek geven de volgende acties:

Actie Omschrijving
1:1 Alle assen worden niet gezoomd getoond.
Automatisch Iedere as gebruikt een geheel aantal divisies en assen worden zonder overlap gepositioneerd. Assen kunnen verschillende zoom-factoren krijgen.
Automatisch met overlap Iedere as gebruikt een geheel aantal divisies en assen worden met overlap gepositioneerd. Assen kunnen verschillende zoom-factoren krijgen.
1:N Alle assen worden evenredig verdeeld en worden gepositioneerd zonder overlap. Alle assen krijgen dezelfde zoom-factor.
1:N met overlap Alle assen worden evenredig verdeeld en worden gepositioneerd met 50% overlap. Alle assen krijgen dezelfde zoom-factor.
1:M Iedere as gebruikt een geheel aantal divisies en assen worden zonder overlap gepositioneerd. Alle assen krijgen dezelfde zoom-factor.
1:M met overlap Iedere as gebruikt een geheel aantal divisies en assen worden met overlap gepositioneerd. Alle assen krijgen dezelfde zoom-factor.

As-type

Een (verticale) as kan in ingesteld worden in twee verschillende typen:

  • Lineair: De data van de as wordt weergegeven op een lineaire schaal.
  • Logaritmisch: De data van de as wordt weergegeven op een logaritmische schaal. 0 dB komt overeen met 1 V.

Instellen van het as-type kan worden gedaan door met de rechter muisknop op de as te klikken en in het popupmenu dat verschijnt "As-type" te kiezen.

Lijnen verbergen

Wanneer een grafiek meer signalen weergeeft, kan het handig zijn een of meer lijnen tijdelijk te verbergen, om een beter zicht op de resterende signaallijnen te krijgen. Wanneer een signaal in een grafiek verborgen is, wordt het nog wel gemeten en blijven de overige instellingen behouden. Een lijn verbergen kan door met de rechter muisknop op de betreffende as te klikken en in het popupmenu dat verschijnt "Lijn zichtbaar" te kiezen.

Wanneer een streaming-meting met hoge samplesnelheid wordt uitgevoerd, zal lijnen verbergen de belasting op de computer verminderen. Dit kan het risico verlagen dat de computer de stream niet kan bijhouden waardoor de stream afgebroken wordt. Als de meting klaar is kunnen de lijnen weer zichtbaar gemaakt worden, om de signalen te analyseren.

Tijdbasis / Frequentiebasis

De schuifbalk onder in een grafiek geeft aan welk deel van de data wordt bekeken. De positie van de schuifbalk geeft de horizontale offset aan. Deze kan aangepast worden door de balk met de muis te verschuiven. Zie animatie 3.

De breedte van de balk geeft de horizontale gain aan. Deze kan veranderd worden door een zijkant van de schuifbalk met de muis vast te pakken en te verschuiven. Zie animatie 4.

Het is ook mogelijk om de offset en de gain te wijzigen met het muiswiel: Als de muisaanwijzer zich boven de schuifbalk bevindt dan kan met het muiswiel de offset worden aangepast, als de Ctrl-toets is ingedrukt tegelijk met het draaien van het wiel, dan wordt de gain aangepast. De schuifbalk wordt hersteld in de oorspronkelijke positie door te dubbel klikken op de balk.

Door op de schuifbalk te dubbel-klikken, de Reset zoom-knop Reset zoom te klikken of op de sneltoets T te drukken, keert de tijdbasis terug naar zijn standaard, ongezoomde staat.

Horizontale offset aanpassen
Animatie 3: Horizontale offset aanpassen
Horizontale gain aanpassen
Animatie 4: Horizontale gain aanpassen

Volg bron

Wanneer een tijd-domein-grafiek een Dataverzamelaar bevat, is het mogelijk terwijl de Dataverzamelaar gevuld wordt in te zoomen op de meest recente data en de grafiek de nieuwste data automatisch in beeld te laten houden. Kies de gewenste zoom-factor en klik met rechts op de tijdas van de grafiek en kies Volg bron uit het popupmenu. Dit toont een submenu met de mogelijke bronnen die gevolgd kunnen worden en een optie om geen bron te volgen.

As-type

Als een grafiek frequentie-domein data (spectrum analyzer) bevat, kan de horizontale frequentie-as ingesteld worden in twee verschillende typen:

  • Lineair: Het frequentiespectrum wordt getoond op een lineaire frequentie-schaal. De frequentie-as loopt van 0 tot de maximale frequentie en heeft een lineaire verdeling.
  • Logaritmisch: Het frequentiespectrum wordt getoond op een logaritmische frequentie-schaal. De frequentie-as loopt van de minimale frequentie tot de maximale frequentie en heeft een logaritmische verdeling.
    Logaritmische frequentie-as

Instellen van het as-type kan worden gedaan door op de lineair/logaritmische frequentie-as-knop Linear frequency axis / Logarithmic frequency axis te klikken of met de rechter muisknop op de as te klikken en in het popupmenu dat verschijnt "As-type" te kiezen.

Tijdas-labelstijl

De labelstijl van een tijdas kan worden ingesteld op drie verschillende stijlen:

  • Seconden: Alle labels langs de as geven de tijd weer in seconden.
  • Dagen, uren, minuten en seconden: De labels langs de as geven de tijd weer in seconden. Wanneer de labeltijd groter is dan 1 minuut, wordt de tijd van dat label weergegeven in minuten en seconden. Wanneer de labeltijd groter is dan 1 uur, wordt de tijd van dat label weergegeven in uren, minuten en seconden. Wanneer de labeltijd groter is dan 1 dag, wordt de tijd van dat label weergegeven in dagen, uren, minuten en seconden.
  • Datum en tijd: De labels langs de as geven de absolute datum en tijd van de meting weer.

De labelstijl instellen kan door met de rechter muisknop op de tijdas te klikken en de keuze Labelstijl uit het menu te kiezen.

Toolbar

Toolbar

  • Time 0 Tijd=0-lijn aan-/uitschakelen
  • Freq Axis Log Wissel tussen lineaire en logaritmische frequentie-as in de spectrum analyzer
  • Axis layout De assen verticaal uitlijnen
  • Value window Waardescherm aan-/uitschakelen
  • Cursors Verticale cursors aan-/uitschakelen
  • Cursors Horizontale cursors aan-/uitschakelen
  • Cursors Reset horizontale en verticale cursoren naar 25% en 75% van scherm
  • Zoom in Sleep een rechthoek in de grafiek om in te zoomen
  • Zoom out Maak de laatste zoomoperatie ongedaan(hotkey: U)
  • Zoom reset Zoom uit naar volle schaal, horizontaal en verticaal (hotkey: Shift + U)
  • Show Ref Toon/verberg referentiesignalen
  • Update Ref Werk referentiesignaal bij met actuele data
  • Comment Voeg een commentaar toe aan de grafiek
  • Delete comment Verwijder alle commentaren uit de grafiek
  • Legend Toon legenda
  • Yt mode Yt- of XY-modus
  • Own Form Verplaats grafiek naar een eigen scherm
  • Erase Verwijder alle assen (sneltoets: Ctrl + Del)
  • Close Sluit deze grafiek
  • Graph number Grafieknummer

Zoomen

Als u een deel van uw meting in detail wil bekijken kunt u dat eenvoudig doen door met uw muis een rechthoek te trekken op de plaats die u wilt bekijken zie (animatie 5). Verscheidene inzoomacties met de muis worden onthouden, uitzoomen kan met Zoom uit-knop Zoom out of de sneltoets: U. Volledig resetten van de horizontale as en verticale assen kan met de Reset zoom-knop Zoom reset.

Inzoomen

Animatie 5: Inzoomen

Als alleen in horizontale richting ingezoomd moet worden en de verticale zoomfactor gelijk moet blijven, druk dan de Ctrl-toets in en selecteer een zoomgebied met de muis. Als alleen in verticale richting ingezoomd moet worden en de horizontale zoomfactor gelijk moet blijven, druk dan de Shift-toets in en selecteer een zoomgebied met de muis.

Zoomen met het toetsenbord

In horizontale richting zoomen en verschuiven is ook mogelijk via sneltoetsen. De volgende sneltoetsen passen de horizontale zoomfactor van de actieve grafiek aan:

Sneltoets Functie
Ctrl + Zoom horizontaal in vanaf de linkerkant van de grafiek, in vaste stappen
Ctrl + Zoom horizontaal uit aan de linkerkant van de grafiek, in vaste stappen
Zoom horizontaal in vanaf de rechterkant van de grafiek, in vaste stappen
Zoom horizontaal uit aan de rechterkant van de grafiek, in vaste stappen
Verschuif naar links, in vaste stappen
Verschuif naar rechts, in vaste stappen
T Keer terug naar de totale, volledige meting

Extra grafiek maken

Extra grafieken kunnen worden gemaakt door de Maak nieuwe grafiek snelle functie New graph te gebruiken.

Een tweede manier is door rechts te klikken op de grafiek en vervolgens Maak nieuwe grafiek te selecteren. Trek dan een rechthoek op de plaats waar u een nieuwe grafiek wilt, deze mag meer grafieken overlappen.

Actieve grafiek

Wanneer meer dan een grafiek beschikbaar is, is één grafiek de actieve grafiek, aangegeven met een blauwe rand om de grafiek. Instrumenten, kanalen, bronnen en I/O's hebben acties die een lijn toevoegen aan de actieve grafiek. Het Bestandsmenu heeft een optie om de actieve grafiek als afbeelding op te slaan.

Een grafiek selecteren als actieve grafiek wordt gedaan door met de muis de betreffende grafiek aan te klikken. Ook kan sneltoets Shift + grafieknummer gebruikt worden.

Cursoren gebruiken

In elke grafiek kunnen verticale en horizontale cursoren (kruisdraden) worden gebruikt om bepaalde delen van de grafiek te markeren. De cursoren kunnen worden aangezet door:

  • het "Verticale cursoren"-knopje (Verticale cursoren) op de toolbar te gebruiken
  • het "Horizontale cursoren"-knopje (Horizontale cursoren) op de toolbar te gebruiken
  • Verticale cursoren aan te klikken in het popup menu van de grafiek.
  • Horizontale cursoren aan te klikken in het popup menu van de grafiek.

De cursoren kunnen ook worden gebruikt om metingen uit te voeren op een gebied aangegeven met de cursorposities. De metingen zijn onder andere: Mininum, Maximum, Hoog-laag, RMS, Gemiddelde, Variantie, Standaarddeviatie en Frequentie.

De meetresutaten worden weergegeven in een speciaal waardescherm dat wordt geopend met de "Waardescherm"-knop (Waardescherm) op de toolbar. Wanneer het waardescherm wordt geopend en de verticale en/of horizontale cursoren staan niet aan, worden de benodigde cursoren aangezet, afhankelijk van de standaard ingestelde metingen.

Verticale cursoren zijn golfvorm-gebaseerd, ze kunnen overal op het signaal geplaatst worden door ze met de muis te slepen. Optioneel kunnen ze "vastklikken" op sample-posities, door Verticale cursoren op sample-posities uit het popupmenu van de grafiek te kiezen. Twee rode lijnen in de tijdas-schuifbalk geven de posities van de verticale cursoren in het gemeten record weer. Om beide verticale cursoren gelijktijdig te verslepen en hun onderlinge afstand gelijk te houden, moet de Ctrl-toets ingedrukt worden tijdens het slepen van een verticale cursor.

Horizontale cursoren zijn grafiek-gebaseerd, ze kunnen overal in de grafiek geplaatst worden door ze met de muis te slepen. Om beide horizontale cursoren gelijktijdig te verslepen en hun onderlinge afstand gelijk te houden, moet de Shift-toets ingedrukt worden tijdens het slepen van een horizontale cursor.

Als gevolg van zoomen kunnen verticale cursoren buiten het scherm vallen. Een cursor die buiten het scherm ligt kan verplaatst worden aan de rand van het scherm. De muisaanwijzer verandert van vorm om aan te geven dat de cursor versleept kan worden. Cursors die buiten beeld staan kunnen ook weer binnen het scherm gebracht worden door op de Cursor reset-knop Cursors te drukken, waarna alle cursoren op 25% en 75% van het zichtbare scherm gezet worden.

Een horizontale en verticale cursor kunnen gelijktijdig verplaatst worden door het kruispunt van beide cursoren te verslepen. Met de Ctrl-toets en/of de Shift-toets kunnen de andere cursoren ook verplaatst worden, waarbij hun onderlinge afstand gelijk blijft.

Metingen

Voor de overzichtelijkheid worden niet alle metingen standaard getoond bij het aanzetten van de cursoren. In de programma-instellingen (Settings) kan ingesteld worden welke metingen standaard aan staan bij het aanzetten van de cursoren. Het waardescherm zal er ongeveer zo uit zien als in de onderstaande figuur.

Standaard waardescherm

Voor de metingen Links, Rechts, Rechts-Links, Top, Bodem, Top-Bodem en Richtingscoëfficiënt moeten de horizontale en/of verticale cursoren aan staan. Ze gebruiken de cursorposities voor hun resultaat.

Alle andere metingen worden berekend over een data-bereik. Wanneer de verticale cursoren aan staan, wordt het data-bereik bepaald door de verticale cursoren. Wanneer de verticale cursoren uit staan, wordt het data-bereik bepaald door de postsamples.

Naast de gemeten waarden tussen de cursoren, kunnen ook de posities van de verticale cursoren en het verschil daartussen, worden uitgelezen onderin het waardescherm. De ShowBaseInfo knop verbergt of toont deze basis-informatie.

Een door de gebruiker in te stellen virtuele impedantie is beschikbaar, deze wordt gebruikt door de vermogensmeting Power en de dBm-meting dBm. Door op de impedantieknop impedance te klikken kan de waarde ingesteld worden. De standaard waarde is 600 Ohm.

De gemeten waarden kunnen als tekst naar het klembord worden gekopieerd door op de CopyToClipboard knop te drukken.

Wanneer Altijd op voorgrond is ingeschakeld met de AlwaysOnTop knop, kan het waardescherm niet achter andere vensters van de Multi Channel oscilloscoop-software worden verborgen.

Aan- of uitzetten van de metingen kan worden gedaan door op de overeenkomstige meting-knoppen op de werkbalk te klikken, op Selecteer metingen te klikken in het popup menu van het waardescherm, of door op het CursorsSelectMeasurements knopje te klikken. Een scherm zoals weergegeven in onderstaande figuur zal tevoorschijn komen waarin de gewenste metingen kunnen worden geselecteerd.

Cursormeting-selectiescherm

Let op: Voor de frequentiemeting moet ten minste een periode tussen de verticale cursoren liggen en moeten er ten minste twee opgaande flanken in het signaal voorkomen.

Referentiesignalen

Van elk signaal dat in een grafiek getoond wordt kan een referentie gemaakt worden. Een referentie is een kopie van een signaal. De referentie wordt gevuld en blijft daarna onveranderd tijdens het meten. Door een referentie te maken en te blijven meten, zijn verschillen tussen de referentie en het actuele signaal zichtbaar. Referenties kunnen ook geladen worden met een "bekend goed" signaal van een onderdeel, om tijdens foutzoeken actuele signalen te vergelijken met het "bekend goede" signaal.

Een referentie wordt gemaakt door Maak referentie naar → in het popupmenu van de grafiek of een van de assen te kiezen. Dit creëert de referentie en plaatst deze op dezelfde as als zijn origineel. Als de referentie gemaakt is wordt een "Werk referentie bij"-knop (Werk referentiesignaal bij met actuele data) aan de knoppenbalk van de grafiek toegevoegd. Hiermee wordt nieuwe data van het actuele signaal in de referentie gekopieerd Het is mogelijk meer referenties naar een signaal te maken.

Referenties kunnen tijdelijk verborgen worden in de grafiek. Met de knop "Toon referenties" (Toon/verberg referentiesignalen) kunnen referenties zichtbaar gemaakt en verborgen worden.

Commentaren gebruiken

Soms werkt het verhelderend als tekst-commentaar wordt toegevoegd aan een grafiek, om bepaalde fenomenen in de gemeten signalen toe te lichten. Er kan een onbeperkt aantal commentaren worden toegevoegd aan elke grafiek. Vanuit elk commentaarvak kan een onbeperkt aantal pijlen worden getrokken om bepaalde punten in een signaal aan te wijzen.

Een commentaar kan worden toegevoegd door:

  • de "Commentaar toevoegen" knop (CommentAdd) op de toolbar te gebruiken.
  • Commentaar toevoegen in het popup menu van de grafiek aan te klikken.

De commentaarvakken kunnen worden versleept naar de gewenste positie. Pijlen kunnen worden gemaakt door vanaf het kleine rechthoekje onderin het commentaarvak te "slepen" naar de gewenste positie. U kunt een bestaande pijl verplaatsen door de punt naar een nieuwe positie te slepen. Om een commentaarvak inclusief pijl te verplaatsen kunt u deze verslepen met Ctrl ingedrukt. Om een pijl te verwijderen klikt u met de rechter muisknop op de punt van een pijl en kiest u Verwijderen.

Commentaren

Grafieken opslaan

Een grafiek met data, commentaren en cursoren kan worden opgeslagen in een afbeeldingbestand. Dit wordt uitgelegd op de pagina over afbeeldingen opslaan.